Adam of aap bij Rondom Tien
Soms lijkt het alsof er in bepaalde discussies maar één weg is die men kan bewandelen. De strijd tussen evolutionisme en creationisme is zo’n discussie. Na de eerste keer heb je ze allemaal gezien. Bij Rondom Tien is dat niet anders. Het is weer ouderwets Adam of aap: een creationistische Urker versus een antitheïst, anti-christelijke ex-priester versus strenggelovige moslim. Het enige wat opvalt is de totale afwezigheid van de experts, de biologen en filosofen, theologen en bijbelwetenschappers.
De enige stem van redelijkheid is publicist Anton de Wit. Eigenlijk te genuanceerd om gehoord te worden. Anton stelt dat Genesis 1 overduidelijk poëzie is, en dat het heiligschennis is om het op de letter te geloven. Wel, voor mij is er niet veel heiligs om te schennen. Ik spreek daarom liever van het totale onbegrip voor literaire betekenis, de ziel van het verhaal.
Creationisten zien Genesis 1 als feitelijk relaas waarvan de betekenis volledig in Gods handelen ligt. Wie echter kijkt naar hoe verhalen (gedichten, saga’s, legenden, etc.) in premoderne culturen - de culturen waarin de Ilias en Bhagavad Gita, maar ook Genesis geschreven zijn - tot stand komen, ziet dat ze altijd primair over de verstandhouding tussen God, mens en natuur gaan, en at the bottom over wie de mens is en hoe hij in de wereld staat.
Zover hoeven christenen niet te gaan: voor hen kan in Genesis weldegelijk God centraal staan. Willen ze het boek echter (voor zover dat kan) in haar totaliteit bevatten, dan moeten ze oog hebben voor de historische en literaire context. Dat dient niet ongeloof, maar inzicht en bovenal nuance. En als de Bijbel echt het Woord van God zou zijn, zou het dan niet juist de context zijn waarin wij Zijn hand zien?



