Suggesties voor omgang met de Islam in Nederland

Printervriendelijke versieStuur deze tekst naar een bekendePDF versie

Gisteren heb ik mij wild geërgerd aan het interview dat op de weblog van Bart-Jan Spruyt staat in de aanloop naar het ChristenUnie-congres ‘Islam en Nederland’. Alvorens daar op te reageren op mijn eigen weblog heb ik geheel in de Burkiaanse traditie een klassieke deugd uitgeoefend (jullie mogen raden welke). Ik zal eerst commentaar geven op een paar kerncitaten in het interview:

1. “De islam ligt als een brok graniet in ons vlakke religieuze landschap, citeert Spruyt de liberaal-conservatieve socioloog Jacques van Doorn.”

Als ik een blok graniet zie in de polder, dan denk ik dat deze als een meteoriet hier is ingeslagen, net als de kiezel in de Kaäba, het ‘heiligdom’ dat ook is opgetrokken in graniet. Hiermee wilde Van Doorn zeggen dat de Islam een onvermijdelijk en onverwijderbaar fenomeen is in Nederland. Spruyt gaat hierin mee, want hij wil de Islam ‘niet wegpesten’ zoals Wilders dat volgens hem wil gaan doen. Mijn mening is dat de Islam geen blok graniet is maar een afgoderij waarvan de geschiedenis heeft bewezen dat deze alleen effectief kan worden bedwongen door verdrijving, in het bijzonder door Spanje vanaf 1492. Uiteraard verdient bekering tot het Christendom de voorkeur, maar aangezien daar in de Islam de doodstraf op staat mogen we daar niet teveel de hoop op vestigen.

2. “Maak de moslims duidelijk hoe wij in onze cultuur met elkaar omgaan; een pluriforme cultuur van geloofsvrijheid en gewetensvrijheid.”

Ik weet niet in welk universum Bart-Jan Spruyt verkeert, maar geloofsvrijheid en gewetensvrijheid staan al geruime tijd op de helling in Nederland. Zo mogen ambtenaren in toenemende mate niet meer weigeren personen van hetzelfde geslacht te huwen en mogen burgers niet op hun eigen huis de boodschap ‘Jezus redt’ aanbrengen, nota bene in de Bible Belt. En dan hebben we het nog niet eens over de politieke mantra dat geloof achter de voordeur thuishoort. Overal is het Christendom op de terugtocht en in het defensief tegen de oprukkende progressieve moraal. Zelfs gewetensvrijheid wordt aangetast door overheidscampagnes zoals de Dag van Respect (Op basis van wat?? Waarvoor???) waarmee scholieren worden geïndoctrineerd met nonsens om ze tot brave burgers te kneden.

3. “Er komt een dag dat er een moslim komt, een oprechte democraat, die burgemeester wil worden. Daar kun je niet tegen zijn.”

Hier komt de spreekwoordelijke aap uit de mouw: Spruyt vindt liberale waarden belangrijker dan christelijke waarden. Dat is zijn goed recht, maar dat is niet de oplossing, integendeel: het is het probleem. Liberalisme kan nog te billijken zijn in een monoculturule samenleving, maar het is absolute culturele en religieuze zelfmoord in een multiculturele samenleving. In een liberale democratie gaat men uit van het principe van de meeste stemmen gelden, in een open samenleving is dat een uitnodiging tot demografische verovering - gewoon veel kinderen maken, dan komt men vanzelf aan de macht. Bovendien gaat het liberalisme uit van de gelijkheid: een migrant is gelijk aan een inheemse bewoner, een christen aan een moslim, etc. Er bestaan dan geen historische, culturele en religieuze rechten.

Graag zou ik een drietal overdenkingen willen voorleggen aan mijn mede-conservatieve lezers als oplossing voor de Islam in Nederland:

1. Dubbele nationaliteit is geen probleem als het maar niet dubbel op wordt

Aangezien moslims hier komen als migranten uit landen die het jus sanguinis hanteren hebben zij vaak de dubbele nationaliteit en bovendien wordt de immigratie versterkt omdat de migranten hun partners uit het land van herkomst blijven halen, met andere woorden: ketenmigratie. Vooral dit laatste doet de moslimbevolking hier exponentieel stijgen. Hiertegen bestaat een eenvoudig maar probaat middel en dat is het laten vervallen van de Nederlandse nationaliteit als beide partners dezelfde niet-Nederlandse nationaliteit hebben. Dus een Nederlandse Marokkaan kan met een Nederlander (of een Chinees) trouwen om de Nederlandse nationaliteit te behouden, als hij/zij met een Marokkaan trouwt dan vervalt de Nederlandse nationaliteit.

2. Het principe van gelijk oversteken wat betreft religieuze faciliteiten

Moslims hier hebben veel meer mogelijkheden om religieuze activiteiten te ontplooien dan Christenen in Islamitische landen. Zo is het bouwen van kerken en het bekeren van mensen in Moslim-landen verboden voor Christenen. Aangezien de meeste Moslims hier nog steeds burgers zijn van het land van herkomst kan het principe van wederkerig des te meer worden toegepast. Op deze grond daarvan kan Moslims bijvoorbeeld worden verboden om nieuwe gebedshuizen te bouwen en als ze worden gebruikt mogen ze aan de buitenkant geen uiterlijke kenmerken daarvan dragen. Bovendien kan er aan worden toegevoegd dat een moskee niet noodzakelijk is voor de godsdienstuitoefening, aangezien dat niet in de Koran wordt voorgeschreven.

3. Moslims mogen geen aanstoot geven in de openbare ruimte

In het verlengde van de vorige overdenking, welke over de status van de Islam gaat, ligt het gedrag van de individuele Moslims. Zo mogen Christenen in Islamitische landen geen aanstoot geven aan Moslims door bijvoorbeeld Christelijke symbolen te dragen. Dit kan even goed worden toegepast op Moslims in Nederland, wat een hoop nodeloze discussies over hoofddoekjes, handen schudden, vrouwenbesnijdenissen en boerkini’s scheelt. Elk opdringen van Islamitisch gebruik wordt zodoende onmiddellijk de kop in gedrukt, waardoor de status van de Islam vanzelf afneemt. Er dient met andere woorden door de Christelijke politiek een onderscheid gemaakt te worden tussen de historische en religieuze positie van het Christendom hier te lande en de uitheemse Islam.

Wellicht ten overvloede vermeld ik dat dit slechts overdenkingen zijn ter indamming van het probleem. Graag hoor ik de mening van de lezer hierover.